Leerstof Wft Basis
Depositogarantiestelsel, BKR en hypotheek: sparen en lenen
Bijgewerkt op · redactie Wftklaar · werkwijze
Op deze pagina
Het depositogarantiestelsel beschermt spaargeld tot € 100.000 per persoon per bank, met tijdelijk tot € 500.000 extra voor bijvoorbeeld de opbrengst van je verkochte huis. Bij het BKR wordt een krediet geregistreerd als het meer dan € 250 is en langer dan een maand loopt. De maximale kredietvergoeding is per 1 januari 2026 12%: de wettelijke rente van 4% plus 8 procentpunt.
Probeer het zelf: 10 vragen, gratis
Alle vijf vraagvormen, met je cijfer en een toelichting per vraag. Zonder account, in ongeveer 15 minuten.
Doe het gratis mini-examenDepositogarantie: wat is gedekt en wat niet?
| Depositogarantiestelsel (DGS) | Regel per 1 januari 2026 |
|---|---|
| Dekking | € 100.000 per depositohouder per bank |
| Meerdere merknamen van één bank | Tegoeden worden opgeteld: één keer € 100.000 |
| Gezamenlijke (en/of-)rekening | Ieder een evenredig deel, ieder tot € 100.000: samen tot € 200.000 |
| Tijdelijk hoog saldo | Maximaal € 500.000 extra, gedurende 6 maanden na storting |
| Uitbetaling | Binnen 7 werkdagen |
| Uitvoering | DNB; banken betalen vooraf premie in het Depositogarantiefonds |
| Niet gedekt | Beleggingen (aandelen, obligaties), verzekeringen, virtuele valuta |
Het tijdelijk hoog saldo geldt sinds 1 september 2024 (daarvoor 3 maanden) en alleen voor natuurlijke personen. Het tegoed moet aantoonbaar te maken hebben met:
- de aan- of verkoop van de eigen woning;
- een uitkering uit pensioen, arbeidsongeschiktheid, ontslag, levensverzekering, of de verdeling van een huwelijksgemeenschap of nalatenschap;
- een verzekeringsuitkering of schadevergoeding wegens een misdrijf of onterechte veroordeling.
De klant moet dit zelf melden en aantonen. Het DGS is er voor particulieren en vrijwel alle bedrijven en organisaties, ook zzp'ers, verenigingen en stichtingen. Een eenmanszaak deelt de € 100.000 met het privétegoed van de eigenaar. Uitgesloten zijn onder meer banken, verzekeraars, pensioenfondsen en overheden.
Naast het DGS bestaat het beleggerscompensatiestelsel: maximaal € 20.000 per persoon, als een bank of beleggingsonderneming jouw geld of effecten niet kan teruggeven. Koersverlies is niet gedekt.
Voorbeeldvraag
max. 1 puntGerda heeft € 140.000 op een spaarrekening bij één Nederlandse bank. Het is geen tijdelijk hoog saldo, zoals de opbrengst van een verkocht huis. De bank gaat failliet. Welk bedrag vergoedt het depositogarantiestelsel haar?
BKR: welke kredieten worden geregistreerd?
Het BKR moet consumenten beschermen tegen overkreditering. Een kredietgever moet meedoen aan kredietregistratie (art. 4:32 Wft) en het register raadplegen bij een krediet van meer dan € 250.
| BKR-regel (Algemeen Reglement CKI, versie juli 2024) | |
|---|---|
| Welke contracten | Consumentenkrediet met een looptijd van meer dan 1 maand |
| Aflopend krediet | Bij een bruto kredietbedrag (inclusief rente en kosten) van meer dan € 250 |
| Doorlopend krediet, roodstand | Bij een kredietlimiet van meer dan € 250 |
| Hypotheek op de eigen woning | Alleen negatieve betalingservaringen, zonder bedrag |
| Achterstandsmelding | Aflopend krediet na 2 maanden, doorlopend krediet na 3 maanden |
| Bewaartermijn | 5 jaar na de werkelijke einddatum |
Ook private lease, schuldhulpverlening en een restschuld na verkoop van een huis worden geregistreerd. Een wetsvoorstel om de bewaartermijn naar 3 jaar te verkorten, was op 1 januari 2026 niet in werking.
Consumptief krediet en de maximale kredietvergoeding
Een geldkrediet geeft je een geldsom. Bij een goederenkrediet krijg je een roerende zaak, met uitgestelde betaling. De vormen (toetsterm 1c.5):
- Aflopend krediet (persoonlijke lening): vast bedrag, vaste looptijd, vaste termijnen.
- Doorlopend krediet: een limiet waarbinnen je opneemt en aflost.
- Rekening-courantkrediet: rood staan op je betaalrekening. Met afspraak is dat een geoorloofde debetstand; zonder afspraak een overschrijding.
- Huurkoop: koop op afbetaling waarbij de verkoper eigenaar blijft tot alles betaald is.
De kredietsom is het geleende bedrag (bij doorlopend krediet de limiet). De kredietvergoeding is alles wat je voor het krediet betaalt, in welke vorm ook. Het maximum daarvan is de wettelijke rente plus 8 procentpunt (Besluit kredietvergoeding).
| Periode | Wettelijke rente | Maximale kredietvergoeding |
|---|---|---|
| 2024 | 7% | 15% |
| 2025 | 6% | 14% |
| Per 1 januari 2026 | 4% | 12% |
Andere regels om te kennen:
- Je mag een kredietovereenkomst binnen 14 kalenderdagen zonder reden herroepen.
- Reclame bevat de waarschuwing "Let op! Geld lenen kost geld".
- De kredietgever mag het krediet pas opeisen bij een achterstand van minstens 2 maanden, en na een ingebrekestelling waarna de klant nalatig blijft (art. 7:77 BW).
- De nieuwe Europese richtlijn consumentenkrediet (CCD2) gold op 1 januari 2026 nog niet.
Hypotheek: begrippen en aflossingsvormen
Een recht van hypotheek is een zekerheidsrecht op een registergoed, zoals een huis. De schuldeiser mag zich daarop bij voorrang verhalen (art. 3:227 BW). Betaalt de klant niet, dan kan de bank het huis openbaar laten verkopen zonder rechter (parate executie).
De notaris maakt de leveringsakte (de koper wordt eigenaar) en de hypotheekakte. Beide worden ingeschreven in de openbare registers van het Kadaster.
| Aflossingsvorm | Kenmerk |
|---|---|
| Annuïteit | Gelijke bruto maandlast; het rentedeel daalt, de aflossing stijgt |
| Lineair | Elke maand dezelfde aflossing; de maandlast daalt |
| Aflossingsvrij | Geen aflossing tijdens de looptijd |
| Spaar-, beleggings- of levenhypotheek | Kapitaalopbouw; voor nieuwe leningen sinds 2013 fiscaal niet meer gefaciliteerd |
Voor renteaftrek op een eigenwoningschuld vanaf 2013 moet je minstens annuïtair aflossen in 360 maanden; lineair voldoet ook, aflossingsvrij niet. In 2026 mag je maximaal 100% van de woningwaarde lenen, tot 106% met energiebesparende voorzieningen.
De Nationale Hypotheek Garantie (NHG) is een borgstelling door de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Voordelen: een lagere rente, en kwijtschelding van een restschuld bij gedwongen verkoop als de klant te goeder trouw was. Wat vroeger "kostengrens" heette, is sinds 2024 de NHG-grens.
| NHG 2026 | |
|---|---|
| NHG-grens | € 470.000 |
| Met energiebesparende voorzieningen | € 498.200 |
| Borgtochtprovisie | 0,4% van de hypotheeksom (bij € 400.000: € 1.600) |
Een variabele rente kan tussentijds wijzigen. Een vaste rente staat vast tijdens de rentevaste periode. Hoe langer die periode, hoe hoger de rente meestal is: zekerheid kost een opslag.
Beleggen: categorieën en het effect van rente
De zes beleggingscategorieën van toetsterm 1b.17 zijn aandelen, obligaties, vastgoed, liquide middelen, derivaten en beleggingsobjecten. Een open beleggingsfonds geeft doorlopend participaties uit en neemt ze in. Een besloten fonds heeft een vast aantal, dat via de beurs wordt verhandeld.
Voorbeeldvraag
max. 1 puntWelke twee tegoeden vallen onder het depositogarantiestelsel als een Nederlandse bank failliet gaat?
Rente en obligaties. Een obligatie betaalt een vaste couponrente. Stijgt de marktrente, dan bieden nieuwe obligaties een hogere rente en wordt een bestaande obligatie minder waard: de koers daalt. Daalt de rente, dan stijgt de koers. Hoe langer de resterende looptijd, hoe sterker het effect. Voor aandelen werkt een rentestijging doorgaans negatief: bedrijven betalen meer voor hun leningen en sparen wordt relatief aantrekkelijker.
Toetstermen, en waar je moet rekenen
Deze stof valt onder toetstermen 1a.10, 1b.16 tot en met 1b.21, 1c.2 tot en met 1c.6, 1c.8 tot en met 1c.10, 1c.14, 1c.15, 1c.20, 1c.21, 1c.23, 1c.25 en 1c.26. Bijna allemaal kennistoetstermen; 1b.18, 1b.19, 1c.8, 1c.14, 1c.15, 1c.21 en 1c.26 vragen begrip. Rekenvragen over het DGS of de NHG-provisie vallen onder vaardigheid 2a.1.
Verder oefenen
Bedragen als de maximale kredietvergoeding en de NHG-grens veranderen elk jaar en zijn makkelijk te verwarren met oude cijfers. Toets jezelf in het gratis mini-examen en oefen daarna met een Basispas. Lees ook belasting en erfrecht voor box 3 en de eigen woning.
Vragen
Veelgestelde vragen
Tot welk bedrag is spaargeld beschermd in 2026?
Het depositogarantiestelsel dekt € 100.000 per persoon per bank. Bij een en/of-rekening van twee personen is dat samen € 200.000. Voor een tijdelijk hoog saldo, bijvoorbeeld na verkoop van je eigen woning, geldt 6 maanden lang maximaal € 500.000 extra.
Hoe lang blijft een krediet bij het BKR staan?
Tot 5 jaar na de werkelijke einddatum van het krediet. Een achterstand met herstelmelding wordt 5 jaar na die herstelmelding verwijderd. Een wetsvoorstel om de termijn naar 3 jaar te verkorten, was op 1 januari 2026 niet in werking.
Wat is de maximale kredietvergoeding in 2026?
Per 1 januari 2026 is dat 12% op jaarbasis: de wettelijke rente van 4% plus 8 procentpunt. In 2025 was het maximum 14% en in 2024 15%, omdat de wettelijke rente toen hoger was.
Wat is de NHG-grens in 2026?
De NHG-grens is € 470.000, of € 498.200 als je ook energiebesparende voorzieningen financiert. De borgtochtprovisie is eenmalig 0,4% van de hypotheeksom. Vroeger heette deze grens de kostengrens.
Wat gebeurt er met obligatiekoersen als de rente stijgt?
De koers van bestaande obligaties daalt. Nieuwe obligaties bieden dan een hogere rente, dus een bestaande obligatie met een lagere vaste coupon wordt minder waard. Hoe langer de resterende looptijd, hoe groter het koerseffect.
Gratis mini-examen
Over een kwartier heb je je eerste cijfer.
Tien vragen in alle vijf vraagvormen, met een cijfer en per vraag een toelichting. Gratis, zonder account.
Doe het gratis mini-examenDaarna verder? De Basispas geeft je vijf volledige proefexamens en oefenen per onderwerp, met een toelichting bij iedere vraag: 90 dagen voor €24,95 of 21 dagen voor €17,95, vooraf in één keer, zonder verlenging.
Bekijk de Basispassen