Leerstof Wft Basis
AFM, DNB en Kifid: wie doet wat in het Wft-toezicht?
Bijgewerkt op · redactie Wftklaar · werkwijze
Op deze pagina
De Nederlandsche Bank (DNB) houdt prudentieel toezicht: is een bank, verzekeraar of pensioenfonds financieel gezond? De Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt gedragstoezicht: gaan financiële ondernemingen zorgvuldig met klanten om? Het Kifid is geen toezichthouder, maar het klachteninstituut dat geschillen tussen consumenten en financiële dienstverleners beslecht.
Probeer het zelf: 10 vragen, gratis
Alle vijf vraagvormen, met je cijfer en een toelichting per vraag. Zonder account, in ongeveer 15 minuten.
Doe het gratis mini-examenDrie vormen van toezicht in één tabel
De Wet op het financieel toezicht legt het doel van beide toezichthouders vast. Prudentieel toezicht "is gericht op de soliditeit van financiële ondernemingen en de stabiliteit van het financiële stelsel" (art. 1:24 lid 1 Wft). Gedragstoezicht is gericht op "ordelijke en transparante financiëlemarktprocessen, zuivere verhoudingen tussen marktpartijen en zorgvuldige behandeling van cliënten" (art. 1:25 lid 1 Wft).
| Vorm van toezicht | Vraag die de toezichthouder stelt | Wie |
|---|---|---|
| Prudentieel | Heeft deze onderneming genoeg buffers om haar verplichtingen na te komen? | DNB (grote banken: ECB) |
| Systeem | Is het financiële stelsel als geheel stabiel? | DNB |
| Gedrag | Behandelt deze onderneming haar klanten zorgvuldig en informeert ze eerlijk? | AFM |
Het woord "systeemtoezicht" staat niet letterlijk in de Wft, maar het CDFD gebruikt het wel in toetsterm 1f.13. Bedoeld is het toezicht op de stabiliteit van het stelsel als geheel, en dat hoort bij DNB.
Sinds november 2014 houdt de Europese Centrale Bank (ECB) direct toezicht op de grootste, significante banken in de eurozone. Dat zijn er meer dan honderd. Minder significante banken blijven onder direct toezicht van DNB.
In het midden staat de financiële onderneming: een bank, verzekeraar, adviseur of bemiddelaar.
- AFM naar de onderneming: Geeft adviseurs en bemiddelaars hun vergunning en houdt toezicht op hoe ze met klanten omgaan.
- CDFD naar de onderneming: Wie adviseert, heeft een Wft-diploma nodig; het CDFD stelt de examens samen.
- DNB naar de onderneming: Kijkt of banken en verzekeraars financieel gezond zijn: genoeg kapitaal en buffers. Grote banken: de ECB.
- Onderneming naar Klant: Zorgplicht: de onderneming neemt de belangen van de klant zorgvuldig in acht (art. 4:24a Wft).
- Klant naar de onderneming: Een klacht leg je altijd eerst voor aan de dienstverlener zelf.
- Klant naar Kifid: Geeft de dienstverlener een definitief standpunt, of na 8 weken nog niet, dan kan de klant naar het Kifid. Voor consumenten is dat gratis.
- Kifid naar de onderneming: Het Kifid doet een uitspraak, bindend of niet-bindend. Elke dienstverlener moet bij het Kifid zijn aangesloten (art. 4:17 Wft).
Wat DNB doet
- Toezicht op de soliditeit van banken, verzekeraars en pensioenfondsen: hebben ze genoeg kapitaal en reserves?
- Toezicht op de stabiliteit van het financiële stelsel.
- Vergunningen voor verzekeraars, en (samen met de ECB) voor banken.
- Uitvoering van het depositogarantiestelsel: valt een bank om, dan betaalt DNB spaarders tot € 100.000 per persoon per bank uit. Lees meer in sparen, lenen en hypotheek.
Wat de AFM doet
- Toezicht op het gedrag van financiële ondernemingen: eerlijke informatie, reclame, zorgplicht en klantbelang.
- Vergunningen voor adviseurs, bemiddelaars, kredietaanbieders, gevolmachtigd agenten en beleggingsondernemingen.
- Handhaving van de zorgplicht van art. 4:24a Wft. De AFM grijpt daarbij alleen in bij "evidente misstanden" (lid 3). Ze geeft ook leidraden en voorlichting.
- Een openbaar register, waarin een consument kan nagaan of een dienstverlener een vergunning heeft.
De AFM beslist niet over individuele claims. Wil een klant geld terug van zijn adviseur of verzekeraar, dan gaat hij naar het Kifid of de rechter.
Wie heeft een AFM-vergunning nodig?
| Activiteit | Vergunningplicht |
|---|---|
| Krediet aanbieden | art. 2:60 Wft |
| Adviseren over financiële producten (niet: financiële instrumenten) | art. 2:75 Wft |
| Bemiddelen in financiële producten | art. 2:80 Wft |
| Optreden als gevolmachtigd agent | art. 2:92 Wft |
| Beleggingsdiensten verlenen | art. 2:96 Wft |
Een vergunning laat zien dat de onderneming betrouwbaar, deskundig en solide genoeg is om de markt op te gaan (toetsterm 1f.25). Zelfstandige adviseurs, bemiddelaars en gevolmachtigd agenten moeten de vergunning zelf aanvragen. Banken en verzekeraars hebben al een vergunning van DNB of de ECB. Zij hebben geen aparte AFM-vergunning nodig om te adviseren of te bemiddelen (art. 2:76 lid 1 en art. 2:81 lid 1 Wft). Ook een verbonden bemiddelaar heeft geen eigen vergunning: hij werkt onder volledige verantwoordelijkheid van de aanbieder.
Het CDFD vraagt in toetsterm 1f.38 welke dienstverleners "van rechtswege een vergunning krijgen". De Wft gebruikt die woorden niet voor adviseurs en bemiddelaars. Waarschijnlijk is de vrijstelling hierboven bedoeld: banken, verzekeraars en verbonden bemiddelaars hoeven geen aparte AFM-vergunning aan te vragen.
Klagen bij het Kifid: de route stap voor stap
Elke financiële dienstverlener moet een interne klachtenprocedure hebben en aangesloten zijn bij een erkende geschilleninstantie (art. 4:17 lid 1 Wft). Dat is het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid).
- De klant klaagt eerst bij de dienstverlener zelf.
- Geeft die een definitief standpunt, of na 8 weken nog geen definitief standpunt, dan kan de klant naar het Kifid.
- Het Kifid behandelt de klacht. De streeftermijn is 200 dagen.
- Tegen een bindende uitspraak staat onder voorwaarden beroep open bij de Commissie van Beroep van het Kifid.
| Kifid in cijfers (reglementen vanaf 1 april 2024, geldend op 1 januari 2026) | |
|---|---|
| Termijn om naar het Kifid te gaan | 3 maanden na het definitieve standpunt (als de dienstverlener daarop wees) of 1 jaar na de eerste klacht; de gunstigste termijn geldt |
| Kosten voor een consument | gratis |
| Kosten kleinzakelijke klant | € 250 |
| Maximale vordering | € 1.000.000 |
| Bindend advies wordt niet-bindend boven | € 250.000 (leden Verbond van Verzekeraars of NVB), € 100.000 (overige) |
| Commissie van Beroep | alleen tegen een bindende uitspraak, bij een financieel belang van minstens € 25.000 (of met toestemming), binnen 6 weken |
| Eigen bijdrage consument bij beroep | € 500 |
Een uitspraak is voor een consument alleen bindend als beide partijen dat willen. Maakt de klant geen keuze, dan is het advies niet-bindend. Na een niet-bindend advies kan de klant alsnog naar de rechter.
Het Kifid is er voor consumenten, en ook voor bijvoorbeeld een VvE. Kleinzakelijke ondernemers kunnen alleen klagen over financieringen die onder de gedragscodes van de sector vallen (omzet tot € 5 miljoen, financiering tot € 2 miljoen).
Test of je AFM, DNB en Kifid uit elkaar houdt:
Voorbeeldvraag
max. 1 puntWelke instantie hoort bij elke taak?
Sancties en beroep: wie toetst wie?
AFM en DNB kunnen een bestuurlijke boete of een last onder dwangsom opleggen. Een onderneming die het daar niet mee eens is, volgt de route van het bestuursrecht. Tegen een Kifid-uitspraak en een vonnis gelden andere routes.
| Uitspraak of besluit van | Niet eens? Dan ga je naar |
|---|---|
| AFM of DNB (bijv. een boete) | Eerst bezwaar bij de toezichthouder zelf, dan beroep bij de rechtbank Rotterdam, dan hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) |
| Kifid, bindend advies | Commissie van Beroep van het Kifid (onder de voorwaarden hierboven), of een beperkte toetsing door de rechter |
| Kifid, niet-bindend advies | De rechter |
| Rechtbank (civiele zaak) | Hoger beroep bij het gerechtshof, daarna cassatie bij de Hoge Raad |
Toezicht en klachten in examenvragen
Dit onderwerp valt onder eindterm 1f: toetstermen 1f.5, 1f.13, 1f.14, 1f.17, 1f.20, 1f.21, 1f.25 en 1f.38. Je krijgt vooral kennisvragen: welke toezichthouder hoort bij welke taak, welke klachtroute volgt de klant, en waar gaat een onderneming in beroep.
Een tweede valkuil: het Kifid is geen toezichthouder en legt geen boetes op. Het beoordeelt één geschil tussen één klant en één dienstverlener.
Verder oefenen
Wil je weten of je dit onder tijdsdruk ook goed hebt? Maak het gratis mini-examen en kijk welke toetstermen je mist. Daarna lees je verder over de zorgplicht en het provisieverbod, het andere grote onderwerp van eindterm 1f. Wil je alle vraagvormen oefenen, dan kies je een Basispas: eenmalig, zonder abonnement.
Vragen
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen de AFM en DNB?
DNB houdt prudentieel toezicht: zijn banken, verzekeraars en pensioenfondsen financieel gezond, en is het stelsel stabiel? De AFM houdt gedragstoezicht: behandelen financiële ondernemingen hun klanten zorgvuldig en informeren ze eerlijk? Bij DNB gaat het dus om geld en buffers, bij de AFM om gedrag.
Kan de AFM mijn klacht over een verzekeraar of adviseur behandelen?
Nee. De AFM beslist niet over individuele geschillen of schadeclaims. Je klaagt eerst bij de dienstverlener zelf en daarna bij het Kifid, of je stapt naar de rechter.
Wat kost een klacht bij het Kifid?
Voor een consument is een klacht bij het Kifid gratis. Ga je in beroep bij de Commissie van Beroep, dan betaal je een eigen bijdrage van € 500. Kleinzakelijke klanten betalen € 250 voor een klacht.
Hoe lang heb je om een klacht bij het Kifid in te dienen?
Binnen 3 maanden na het definitieve standpunt van de dienstverlener, als die je op die termijn heeft gewezen, of binnen 1 jaar na je eerste klacht bij de dienstverlener. Van die twee termijnen geldt de termijn die het gunstigst voor je uitvalt.
Wie houdt toezicht op de grote banken?
Sinds november 2014 houdt de Europese Centrale Bank (ECB) direct prudentieel toezicht op de significante banken in de eurozone. Minder significante banken blijven onder direct toezicht van DNB. Gedragstoezicht is in Nederland de taak van de AFM.
Gratis mini-examen
Over een kwartier heb je je eerste cijfer.
Tien vragen in alle vijf vraagvormen, met een cijfer en per vraag een toelichting. Gratis, zonder account.
Doe het gratis mini-examenDaarna verder? De Basispas geeft je vijf volledige proefexamens en oefenen per onderwerp, met een toelichting bij iedere vraag: 90 dagen voor €24,95 of 21 dagen voor €17,95, vooraf in één keer, zonder verlenging.
Bekijk de Basispassen