Voorbereiden
Wft Basis-oefenvragen die op het examen lijken
Bijgewerkt op · redactie Wftklaar · werkwijze
Op deze pagina
Goede Wft Basis-oefenvragen lijken op het examen: ze horen bij een toetsterm, volgen de regels van 1 januari 2026, komen in alle vijf vraagvormen en leggen bij elk fout antwoord uit waarom het fout is. Hieronder staan drie vragen om zelf te maken, met antwoord en uitleg. In het gratis mini-examen krijg je er tien, met twee casussen.
Zes kenmerken van een goede oefenvraag
- Hij hoort bij een toetsterm. Het CDFD legt per module vast wat je moet kennen en kunnen. Een vraag die daar buiten valt, kost je studietijd zonder punten op te leveren.
- Hij klopt met de peildatum. Examens vanaf 1 april 2026 toetsen de wet- en regelgeving van 1 januari 2026. Een vraag met een AOW-leeftijd van 67 jaar en 3 maanden voor 2026, of met de NHG-grens van 2025 (€450.000 in plaats van €470.000), leert je iets fouts.
- Hij heeft de vorm van het examen: meerkeuze, rekenvraag, keuzelijst, rangschikken of multiple select.
- De foute opties zijn echte misvattingen: een verkeerde termijn, de verkeerde toezichthouder, een regel van vóór 2018. Geen onzinopties die je zonder kennis kunt wegstrepen.
- Alles is eenduidig: bruto of netto, per maand of per jaar, hoe je moet afronden, en bij multiple select hoeveel antwoorden juist zijn.
- Elke optie heeft uitleg, niet alleen het goede antwoord.
Let ook op de vragenbank als geheel. Staat het goede antwoord steeds op dezelfde plek, of is het steeds de langste optie, dan leer je de vragenbank en niet de stof.
Waarom alleen meerkeuze te weinig is
Op het examen haal je 21 van de 63 punten met korte kennisvragen. De andere 42 zitten in casussen: twee PG-vragen over een dilemma en 19 V/C-vragen bij klantsituaties, vaak met een document erbij. Het CDFD gebruikt vijf vraagvormen, en bij drie daarvan kun je deelpunten halen.
Wft Basis: 42 vragen, 63 punten, 120 minuten. Je slaagt met 68% van de punten: 42,84 punten. Je mag dus hooguit 20,16 punten laten liggen.
- Kennis en begrip (K/B): 21 vragen van 1 punt = 21 punten.
- Professioneel gedrag (PG): 2 vragen van 2 punten = 4 punten.
- Vaardigheden en competenties (V/C): 19 vragen van 2 punten = 38 punten.
Gratis vragenbanken oefenen vooral het eerste stuk. De grootste, Proefexamen.nl, zet zijn vragen in een openbaar bestand: 2.685 vragen over negen modules, allemaal meerkeuze met vier opties, zonder casus (bekeken op 12 oktober 2026). Dat is prima om begrippen te leren. Maar je oefent er niet mee:
- dat een foute klik bij multiple select punten kost;
- dat je bij een rangschikvraag punten krijgt naar hoeveel onderdelen goed ten opzichte van elkaar staan;
- dat je bij een keuzelijst per deelvraag scoort;
- dat je bij een rekenvraag alleen het eindantwoord intypt, afgerond volgens de instructie (oefen dat met de rekenvragen met uitwerking);
- dat je eerst een casus van een halve pagina leest voordat je één vraag kunt beantwoorden.
Probeer het zelf: drie Wft Basis-vragen
Alle drie geven deelpunten. Maak de vraag, klik op Nakijken en lees de uitleg.
1. Keuzelijst: wie doet wat?
Voorbeeldvraag
max. 1 puntWelke instantie hoort bij elke taak?
Toetsterm 1f.13. Drie deelvragen voor één punt: heb je er twee goed, dan krijg je twee derde van het punt. Het ezelsbruggetje: de AFM let op gedrag, DNB op soliditeit, en het Kifid is geen toezichthouder maar beoordeelt klachten van klanten.
2. Multiple select: volks- of werknemersverzekering?
Voorbeeldvraag
max. 1 puntWelke twee van deze verzekeringen zijn volksverzekeringen?
Toetsterm 1d.8. De vraag zegt dat er twee antwoorden juist zijn. Vink je voor de zekerheid een derde aan, dan kost dat punten. Volksverzekeringen gelden voor iedereen die in Nederland woont of hier loonbelasting betaalt; werknemersverzekeringen zoals de WW, de WIA en de Ziektewet alleen voor werknemers.
3. Rangschikken: de fasen van het adviestraject
Voorbeeldvraag
max. 1 puntZet de fasen van het adviestraject in de juiste volgorde.
↑ Eerste faseSleep of gebruik de pijltjes
- Beheer, mutaties en nazorg
- Risicoanalyse
- Inventarisatie van de klantsituatie
- Advies
↓ Laatste fase
Toetsterm 1f.34. Bij vier onderdelen zijn er zes paren die goed of fout ten opzichte van elkaar kunnen staan. Wat je scoort, volgt uit het aantal paren dat goed staat. Eén verwisseling kost je dus niet het hele punt.
Een casusvraag van dichtbij
Casusvragen kun je niet los op een pagina zetten, want ze horen bij een verhaal. In het gratis mini-examen zit er een over Yusuf (28). Hij heeft net een vaste baan als monteur en wil bij de bank een spaarrekening openen om te sparen voor een huis. In de casus staan zijn spaargeld, de waarde van zijn auto, zijn studieschuld en zijn roodstand. Daarover krijg je drie vragen in drie vormen: een rekenvraag (wat is zijn eigen vermogen?), multiple select (welke documenten accepteer je om zijn identiteit vast te stellen?) en meerkeuze (wat zeg je als hij vraagt hoeveel hypotheek hij kan krijgen?). Met die laatste vraag wordt getoetst of je weet waar Wft Basis ophoudt: informeren mag, een hypotheekadvies hoort bij een andere module.
Meer leren van elke oefenvraag
- Antwoord eerst zonder te spieken. Twijfel je, kies dan toch. Wie gokt en het goed heeft, weet niet of hij het echt wist.
- Lees de uitleg bij alle opties, ook als je het goed had. In de foute opties zitten de misvattingen die op het examen terugkomen.
- Noteer de toetsterm van elke fout. Na twintig vragen zie je welke onderwerpen nog niet zitten.
- Maak je fouten na twee of drie dagen opnieuw. Wat je dan nog fout doet, is nog niet geleerd.
- Oefen ook op tijd. Losse vragen zijn voor het leren; voor het examen heb je volledige proefexamens van 120 minuten nodig.
Nu tien vragen, met twee casussen
Het gratis mini-examen: 10 vragen en 14 punten in alle vijf vraagvormen, met een PG- en een V/C-casus. Zonder account, in ongeveer 15 minuten.
Doe het gratis mini-examenWaar vind je meer Wft Basis-oefenvragen?
- Het gratis mini-examen van Wftklaar: 10 vragen, ook een rekenvraag en twee casussen, met een cijfer en een toelichting per vraag. Doe het gratis mini-examen.
- Voorbeeldvragen per vraagvorm: op de pagina met voorbeeldvragen voor Wft Basis zie je hoe elke vorm werkt en wordt nagekeken.
- Andere gratis bronnen, zoals Proefexamen.nl, Pass Harbor en Wft Instituut: in de vergelijking van Wft-oefensites staat wat ze bieden en wat ze kosten.
- De Basispas van Wftklaar: vijf volledige proefexamens in de vorm van 1 april 2026, onbeperkt willekeurige examens volgens de toetsmatrijs, en oefenen per onderwerp en toetsterm, met een toelichting na elk antwoord.
Alle vragen op Wftklaar schrijven we zelf vanuit de toetstermen van het CDFD, met per vraag de toetsterm en de regels van 1 januari 2026. De pas kost €17,95 voor 21 dagen of €24,95 voor 90 dagen, eenmalig en zonder abonnement. Bekijk de Basispassen.
Vragen
Veelgestelde vragen
Waar vind ik gratis Wft Basis-oefenvragen?
Op deze pagina staan drie vragen met uitleg, en het gratis mini-examen van Wftklaar geeft er tien in alle vijf vraagvormen, zonder account. Grote gratis vragenbanken met meerkeuzevragen zijn Proefexamen.nl en Pass Harbor; Wft Instituut geeft één Basis-oefenexamen na registratie.
Komen deze vragen op het examen?
Nee. Echte examenvragen zijn eigendom van de Staat, vallen onder het auteursrecht en worden niet gepubliceerd. Wftklaar schrijft elke vraag zelf vanuit de toetstermen van het CDFD, in dezelfde vijf vraagvormen en met dezelfde puntentelling.
Hoeveel vragen heeft het Wft Basis-examen?
42 vragen met samen 63 punten, in 120 minuten: 21 kennisvragen van 1 punt, 2 PG-vragen van 2 punten en 19 V/C-vragen van 2 punten. Je slaagt met 42,84 punten (68%).
Hoe werken deelpunten bij Wft Basis?
Bij meervoudige keuzelijsten, rangschikvragen en multiple select levert een half goed antwoord ook punten op. Met 3 van de 4 deelvragen van een keuzelijst goed krijg je 75% van de punten; bij multiple select gaan er punten af voor een foute keuze. Meerkeuze- en rekenvragen zijn alles of niets.
Gratis mini-examen
Over een kwartier heb je je eerste cijfer.
Tien vragen in alle vijf vraagvormen, met een cijfer en per vraag een toelichting. Gratis, zonder account.
Doe het gratis mini-examenDaarna verder? De Basispas geeft je vijf volledige proefexamens en oefenen per onderwerp, met een toelichting bij iedere vraag: 90 dagen voor €24,95 of 21 dagen voor €17,95, vooraf in één keer, zonder verlenging.
Bekijk de Basispassen