Naar de inhoud

Over Wftklaar

Bijgewerkt op · redactie Wftklaar · werkwijze

Op deze pagina

Wftklaar bestaat voor één examen: Wft Basis, zoals het CDFD dat sinds 1 april 2026 afneemt. Hieronder lees je waarom we juist die examenvorm nabouwen, welke weg een oefenvraag aflegt voordat ze in je proefexamen staat en wat er gebeurt als je er toch een fout in ontdekt.

Wftklaar is een handelsnaam van MOJL. Het adres, het KvK-nummer en het btw-id staan bij contact.

Het examen sinds 1 april 2026

Sinds 1 april 2026 heeft Wft Basis één kennisvraag meer dan daarvoor. Je krijgt 42 vragen, samen goed voor 63 punten, en daar heb je 120 minuten voor. Wie vanaf die datum examen doet, wordt getoetst op de wet- en regelgeving van 1 januari 2026. Op die vorm en die peildatum is elk proefexamen bij Wftklaar gebouwd. Voor de vakmodules hebben we nog geen oefenstof; per module staat er een wachtlijst bij de Wft-modules.

Vragen
42
21 kennisvragen, 2 over professioneel gedrag, 19 vaardigheidsvragen
Punten
63
38 daarvan bij de vaardigheidsvragen
Examentijd
120 minuten
met een rekenmachine van het exameninstituut
Om te slagen
68%
42,84 van de 63 punten

Waarom die vorm het verschil maakt

Het grootste deel van de punten haal je niet met losse kennisvragen. Bij een casus lees je eerst een klantsituatie, soms met een polisblad of loonstrook ernaast, en beantwoord je daarna meerdere vragen over die ene klant. Ondertussen wisselen vijf vraagvormen elkaar af. Bij keuzelijsten, multiple select en rangschikvragen rekent het CDFD deelpunten uit met vaste regels, en bij multiple select kost een fout aangevinkte optie je punten. Tussen april 2025 en maart 2026 werd 59,0% van de Basis-examens gehaald.

Dat omschakelen tussen klantdossier, rekenmachine en vraagvorm kun je vooraf oefenen. Daarom heeft een proefexamen bij ons dezelfde drie delen, dezelfde klok en dezelfde puntentelling als het examen. Lessen of een docent horen er niet bij: je werkt zelfstandig, met een toelichting onder elke vraag. Hoe elke vraagvorm telt, zie je op de pagina over Wft Basis.

Van toetsterm tot vraag in je proefexamen

Het CDFD en de exameninstituten staan los van ons, en hun examenvragen blijven geheim. Elke oefenvraag op Wftklaar schrijven we daarom zelf; alleen de vorm volgt het examen (zie ook de disclaimer). Dit is de weg die zo'n vraag aflegt, ook nadat ze online is gekomen.

  1. Eén toetsterm. Het CDFD legt voor Basis vast wat getoetst mag worden. Elke vraag hoort bij precies één van die toetstermen, en na het nakijken zie je bij welke.
  2. De stand van 1 januari 2026. Noemt een vraag een bedrag, percentage of termijn, dan zoeken we dat op in een primaire bron, zoals de wettekst of de site van de Belastingdienst. Staat het daar niet, dan gaat het getal niet in de vraag.
  3. Een toelichting. Je leest waarom het goede antwoord klopt, en bij meerkeuze en multiple select ook wat er schort aan elke andere optie. Rekenvragen werken we stap voor stap uit.
  4. Twee controles vooraf. Eerst loopt een script onder meer de toetsterm, het examenonderdeel en de peildatum na. Daarna legt een tweede ronde, met hulp van software, het antwoord en de getallen naast de bron.
  5. Meten na publicatie. Is een vraag minstens 15 keer gemaakt en scoort ze opvallend laag, dan nemen we haar opnieuw door.

De eisen die we aan elke vraag stellen en hoe de controles precies verlopen, staan uitgeschreven bij onze methode.

Twijfel je aan een antwoord?

Na het nakijken staat onder elke vraag een meldlink, in de oefenomgeving en ook in het gratis mini-examen. Het vraagnummer vult het formulier zelf in; jij schrijft erbij wat er volgens jou niet klopt, het liefst met een bron. Binnen een paar werkdagen leggen we de vraag naast die bron. Blijkt ze fout, dan verbeteren we haar of verdwijnt ze uit de vragenbank.

Elke inhoudelijke wijziging zetten we met datum in het openbare correctielog. Dat log begint bij de eerste versie van de vragenbank, van 12 oktober 2026.