Naar de inhoud

Zo werkt het Wft⁠-⁠examen

Bijgewerkt op · redactie Wftklaar · werkwijze

Op deze pagina

Het Wft-examen is het verplichte examen voor iedereen die klanten wil adviseren over financiële producten. Je doet het per module, op de computer bij een erkend exameninstituut, in 90 tot 135 minuten. Je slaagt met 68% van de punten: bij Wft Basis is dat 42,84 van de 63 punten. Binnen twee werkdagen weet je of je bent geslaagd.

Probeer het zelf: 10 vragen, gratis

Alle vijf vraagvormen, met je cijfer en een toelichting per vraag. Zonder account, in ongeveer 15 minuten.

Doe het gratis mini-examen

Liever kijken? In drie minuten zie je hoe het Wft Basis-examen is opgebouwd, hoe deelpunten tellen en hoe je cijfer tot stand komt.

Wft Basis-examen uitgelegd2:58 · ondertitels · synthetische stem

Het Wft-examen in tien regels

OnderwerpZo zit het
Wie maakt het examenHet CDFD (College Deskundigheid Financiële Dienstverlening)
Wie neemt het afEen exameninstituut dat het CDFD heeft erkend
Wie stuurt uitslag en diplomaDUO, via Mijn Wft
VormOp de computer, alleen in het Nederlands
Duur90 tot 135 minuten per module; Basis duurt 120 minuten
OnderdelenKennis en begrip (K/B), professioneel gedrag (PG), vaardigheden en competenties (V/C)
VraagvormenVijf, waarvan drie met deelpunten
SlagenMinimaal 68% van de punten, dat is een 6
Kosten€169,95 tot €180 per poging (gezien op 12 oktober 2026)
HerkansenOnbeperkt, elke poging tegen het volle examengeld

Het examen volgt uit de Wet op het financieel toezicht: wie klanten adviseert, moet een Wft-diploma hebben. Wat die wet verder regelt, lees je in wat is de Wft?

Wftklaar staat los van het CDFD, DUO en de exameninstituten. Alle cijfers op deze pagina komen uit documenten van het CDFD; de bronnen staan onderaan.

Welke Wft-modules moet je halen?

Er zijn negen initiële modules, elk met een eigen examen. Om te mogen adviseren heb je een beroepskwalificatie nodig, en die bestaat uit één, twee of drie modules. Je bent pas adviesbevoegd als je alle modules van je beroepskwalificatie hebt gehaald. Basis is zelf geen beroepskwalificatie, maar zit wel in zeven van de acht. Alleen voor Adviseur Zorgverzekering heb je het niet nodig.

Er zijn 9 modules en 8 beroepskwalificaties. Basis zit in 7 van de 8. Per beroepskwalificatie de modules die je moet halen:

  • Adviseur Consumptief krediet: Wft Basis, Wft Consumptief krediet.
  • Adviseur Inkomen: Wft Basis, Wft Inkomen.
  • Adviseur Schadeverzekering particulier: Wft Basis, Wft Schadeverzekeringen particulier.
  • Adviseur Schadeverzekering zakelijk: Wft Basis, Wft Schadeverzekeringen particulier, Wft Schadeverzekeringen zakelijk.
  • Adviseur Vermogen: Wft Basis, Wft Vermogen.
  • Adviseur Hypothecair krediet: Wft Basis, Wft Vermogen, Wft Hypothecair krediet.
  • Adviseur Pensioen: Wft Basis, Wft Vermogen, Wft Pensioenverzekeringen.
  • Adviseur Zorgverzekering: Wft Zorgverzekeringen (zonder Basis).
Je bent pas adviesbevoegd als de hele stapel staat. Basis alleen levert een certificaat op, geen diploma. Bron: BGfo art. 7, tabel 1 en de pagina's per beroepskwalificatie van het CDFD (12 oktober 2026).
Bekijk als tabel
BeroepskwalificatieModules die je moet halen
Adviseur Schadeverzekering particulierBasis en Schadeverzekeringen particulier
Adviseur Schadeverzekering zakelijkBasis, Schadeverzekeringen particulier en Schadeverzekeringen zakelijk
Adviseur VermogenBasis en Vermogen
Adviseur Hypothecair kredietBasis, Vermogen en Hypothecair krediet
Adviseur InkomenBasis en Inkomen
Adviseur PensioenBasis, Vermogen en Pensioen
Adviseur Consumptief kredietBasis en Consumptief krediet
Adviseur ZorgverzekeringZorgverzekeringen

Omdat Basis in zeven van de acht beroepskwalificaties zit, begin je bijna altijd daarmee. Zo verschillen de negen examens in tijd, vragen en punten:

Bron: CDFD, Samenstelling initiële Wft-examens vanaf 1 april 2026 en CDFD, Statistieken Wft-examens april 2025 – maart 2026. Slagingspercentage = aandeel gehaalde examens, herkansingen meegeteld. Gemiddeld over alle modules: 49,5% van 25.295 examens.

De inhoud van Basis beschrijven we op de pagina Wft Basis. Een vergelijking van de andere modules vind je bij Wft-modules.

Drie onderdelen: K/B, PG en V/C

Elk initieel examen bestaat uit drie onderdelen, altijd in deze volgorde:

  1. Kennis en begrip (K/B). Korte vragen over feiten en begrippen, met korte antwoorden. 1 punt per vraag.
  2. Professioneel gedrag (PG). Een casus met één vraag over een dilemma uit de praktijk: service en kosten, klantvragen afhandelen, bevoegdheden, wat wettelijk niet mag en wat onwenselijk is. 2 punten per vraag.
  3. Vaardigheden en competenties (V/C). Casussen met praktijkdocumenten en meer leestijd, met één of meer vragen per casus. 2 punten per vraag.

Bij Wft Basis zijn dat 21 K/B-vragen (21 punten), 2 PG-vragen (4 punten) en 19 V/C-vragen (38 punten). Van de 63 punten zitten er dus 42 in casussen en maar 21 in losse kennisvragen. Wie alleen korte meerkeuzevragen oefent, oefent een derde van het examen.

Wft Basis: 42 vragen, 63 punten, 120 minuten. Je slaagt met 68% van de punten: 42,84 punten. Je mag dus hooguit 20,16 punten laten liggen.

  • Kennis en begrip (K/B): 21 vragen van 1 punt = 21 punten.
  • Professioneel gedrag (PG): 2 vragen van 2 punten = 4 punten.
  • Vaardigheden en competenties (V/C): 19 vragen van 2 punten = 38 punten.
Elk blok is zo groot als het aantal punten. Je slaagt met 68% van het totaal, waar je die punten ook haalt. Bron: CDFD, Samenstelling initiële Wft-examens vanaf 1 april 2026.

Gemiddeld heb je bij Basis bijna drie minuten per vraag. De K/B-vragen gaan sneller; de tijd die je daar wint, heb je nodig voor het lezen van polisbladen, loonstroken en klantmails in het V/C-deel.

Vijf vraagvormen, waarvan drie met deelpunten

Het examen gebruikt vijf vraagvormen. Een K/B-vraag is maximaal 1 punt waard, een PG- of V/C-vraag maximaal 2. Het maximum staat bij elke vraag.

1Meerkeuze
3 of 4 opties, één juist
goed of foutAlles of niets
2Rekenvraag (numeriek)
Je typt het eindantwoord; afronden volgens de instructie
goed of foutAlles of niets, met een verborgen foutmarge
3Meervoudige keuzelijst
Twee of meer deelvragen met een uitklaplijst
deelpuntenNaar verhouding (soms alles of niets)
4Multiple select
Vier of meer opties, meerdere juist; het aantal staat erbij
deelpuntenProductregel: punten per goede keuze, aftrek per foute (soms alles of niets)
5Rangschikken
Onderdelen in de juiste volgorde slepen
deelpuntenQuotiëntregel: punten per goed geordend paar (soms alles of niets)

Meerkeuze- en rekenvragen zijn goed of fout. Bij een keuzelijst krijg je punten naar verhouding van het aantal goede deelvragen. Bij multiple select en rangschikken rekent het CDFD met een vaste formule. Bij multiple select kost een foute klik punten: kies je bij vijf opties met twee juiste een goed en een verkeerd antwoord, dan krijg je 0,367 van 1 punt. Met alleen dat ene goede antwoord was het 0,5 geweest. Alle regels en rekenvoorbeelden staan op puntentelling en deelpunten.

Bij een rekenvraag typ je alleen het eindantwoord. Gebruik een punt voor duizendtallen en een komma voor decimalen. Elke rekenvraag heeft een foutmarge die je niet te zien krijgt, dus rond tussentijds zo weinig mogelijk af.

Slagen met 68%: zo komt je cijfer tot stand

De cesuur ligt voor alle initiële examens op 68% van het maximale aantal punten. Het CDFD telt je punten op met 16 cijfers achter de komma, deelt dat door het maximum en vergelijkt de uitkomst onafgerond met 0,68. Daarna rekent het je cijfer uit:

  • onder 68%: aandeel × 5,5 / 0,68
  • vanaf 68%: (aandeel − 0,68) × 4,5 / 0,32 + 5,5

Het CDFD rondt dat cijfer af naar hele getallen; lager dan een 1 kan niet. Precies 68% is dus een 5,5, en dat wordt een 6. Met 45 van de 63 punten bij Basis haal je een 6 (5,98). Met 42,5 punten zak je met een 5 (5,46), al kom je maar 0,34 punt tekort. Reken je eigen score uit op cesuur en cijfer.

Grafiek van punten naar cijfer bij 63 punten. Onder 68% is het cijfer aandeel × 5,5 / 0,68; vanaf 68% is het (aandeel − 0,68) × 4,5 / 0,32 + 5,5. Bij 42,84 punten is het onafgerond 5,5, afgerond een 6.

  • 42,5 punten: onafgerond 5,46, cijfer 5 (gezakt).
  • 45 punten: onafgerond 5,98, cijfer 6 (geslaagd).
Onder de grens levert elke 10% van de punten ongeveer 0,8 cijfer op, erboven ongeveer 1,4. De grijze trap is het afgeronde cijfer in je uitslagmail. Formule: CDFD, Cijferbepaling. Berekend voor 63 punten.

Wat er getoetst wordt, en welke wetgeving geldt

De stof ligt per module vast in eindtermen en toetstermen. Eindtermen zijn de hoofdonderwerpen, toetstermen zeggen precies wat je moet kennen en kunnen. Niet elke toetsterm komt in elk examen, maar elke taak uit de toetsmatrijs wel. Voor Basis vind je alle toetstermen op toetstermen Wft Basis.

De examens worden één keer per jaar bijgewerkt, op 1 april. Vanaf die datum geldt de wet- en regelgeving zoals die op 1 januari van dat jaar gold. Voor jou betekent dat:

  • Examen tot en met 31 maart 2027: de regels en bedragen van 1 januari 2026.
  • Examen vanaf 1 april 2027: de regels en bedragen van 1 januari 2027.

Een wet die in de zomer van 2026 verandert, komt dus pas vanaf 1 april 2027 in het examen. Leer je met oud lesmateriaal, controleer dan bij elk bedrag van welk jaar het is.

Aanmelden en wat het kost

Je schrijft je in bij een exameninstituut dat het CDFD heeft erkend. Daarvoor heb je je Wft-ID nodig, die je met DigiD in Mijn Wft vindt of aanvraagt. Bij de instituten die we op 12 oktober 2026 bekeken, kost een Wft Basis-examen €169,95 tot €180 per poging. Daarvan draagt het instituut €85 rijkstarief af aan de Staat. Een herkansing kost hetzelfde bedrag opnieuw. Wat je met leermateriaal en oefenexamens in totaal kwijt bent, staat in wat kost Wft Basis?

Maart is elk jaar de drukste maand, omdat veel kandidaten examen willen doen voordat de stof per 1 april verandert. Wil je in maart, boek dan op tijd. Alle stappen, de kosten en het beste moment: Wft-examen aanmelden.

Heb je een beperking, dan kun je een aangepast examen aanvragen, bijvoorbeeld met extra tijd, pauzes, een examenhulp of voorlezen. Daarvoor heb je een Verklaring Speciale Voorzieningen nodig, die je vóór je inschrijving aan het instituut geeft. Een mondeling examen bestaat niet.

Op de examendag

  • Neem een geldig legitimatiebewijs mee. De surveillant controleert je identiteit en kan vragen je oren te laten zien of je bril even af te zetten.
  • Jas, tas, telefoon, oortjes, slimme bril en horloge blijven buiten de examenruimte. Het instituut kan daarvoor een kluisje beschikbaar stellen.
  • Je krijgt een niet-programmeerbare rekenmachine, schrijfmateriaal en kladpapier van het instituut.
  • Een transparant, hersluitbaar waterflesje mag mee, zolang het op de grond staat.
  • Voordat je begint, mag je niets op je kladpapier schrijven. Na afloop lever je alles in.
  • Controleer op het startscherm of je BSN klopt met je legitimatiebewijs.

Uitslag, diploma en herkansen

Binnen twee werkdagen krijg je een uitslagmail van DUO met je cijfer en of je bent geslaagd. Daarna download je in Mijn Wft een certificaat (examen gehaald) of een diploma (beroepskwalificatie compleet). Wat er wanneer komt, ook de voorlopige uitslag van sommige instituten, lees je bij Wft-examen uitslag.

Gezakt met een 4 of een 5? Dan kun je je foute vragen 20 minuten inzien, zonder uitleg. Tegen de uitslag kun je geen bezwaar maken. Herkansen mag wel, onbeperkt. Wat je na een onvoldoende het best doet, staat op gezakt, inzage en herkansen.

  1. Aanmelden bij een erkend exameninstituut met je Wft-ID uit Mijn Wft (DigiD). Examengeld €169,95–€180 per poging.
  2. Examendag: 120 minuten, 42 vragen. Rekenmachine, kladpapier en schrijfmateriaal krijg je van het instituut; neem een legitimatiebewijs mee.
  3. Voorlopige uitslag: bij sommige instituten kort na afloop per mail. De mail van DUO telt.
  4. Uitslag van DUO binnen twee werkdagen: je cijfer en of je bent geslaagd.
  5. Een 6 of hoger: geslaagd. Na twee werkdagen download je in Mijn Wft je certificaat (module) of diploma (beroepskwalificatie compleet).
  6. Een 4 of een 5: je kunt binnen twee weken een inzage plannen van 20 minuten. Daarna herkansen.
  7. Een 3 of lager: geen inzage, wel herkansen.
  8. Een maximum aantal herkansingen is er niet; elke poging kost het volle examengeld. Je meldt je opnieuw aan; herkans je vóór je inzage, dan vervalt de inzage.
Examengeld gezien bij de erkende instituten die we op 12 oktober 2026 bekeken. Voorbeeld: Wft Basis. Bron: CDFD, kandidatenbrochure; DUO, inzage Wft-examen.

Hoeveel kandidaten halen het?

Van april 2025 tot en met maart 2026 werd 59,0% van de 8.738 Wft Basis-examens gehaald. Over alle negen initiële modules was dat 49,5%. Vermogen (38,9%) en Hypothecair krediet (40,9%) scoren het laagst. Het CDFD telt examens en geen mensen, dus herkansingen tellen mee. Alle cijfers en de trend sinds 2022: slagingspercentage per module.

Na je diploma: permanente educatie

Voor Basis bestaat geen PE. Wie met een beroepskwalificatie adviseert, moet die in elke PE-periode van drie jaar verlengen met een PE-examen. De huidige periode loopt van 1 april 2025 tot en met 31 maart 2028. Haal je je beroepskwalificatie na 31 maart 2025, dan ben je adviesbevoegd tot en met 31 maart 2031 en doe je je eerste PE-examen in de periode daarna. Meer op permanente educatie.

PE-periodes van drie jaar:

  • 1 april 2019 tot en met 31 maart 2022: afgelopen.
  • 1 april 2022 tot en met 31 maart 2025: afgelopen.
  • 1 april 2025 tot en met 31 maart 2028: huidige periode.
  • 1 april 2028 tot en met 31 maart 2031: volgende periode.

Was je al bevoegd vóór 1 april 2025, dan ben je bevoegd tot en met 31 maart 2028 en haal je je PE-examen vóór 1 april 2028.

Haal je je beroepskwalificatie na 31 maart 2025, dan ben je bevoegd tot en met 31 maart 2031. Je eerste PE-examen valt dan tussen 1 april 2028 en 31 maart 2031.

Je bent bevoegd in de PE-periode waarin je je diploma haalt en in de periode daarna. Wft Basis is een module en heeft geen PE. Bron: CDFD, Veelgestelde vragen (12 oktober 2026).

Voorbereiden op het examen

  • Leer per toetsterm. Dan weet je precies welke onderwerpen nog niet zitten, in plaats van welk hoofdstuk je hebt gelezen.
  • Oefen alle vijf vraagvormen. Wie alleen meerkeuze kent, schrikt van een rangschikvraag en verliest punten met gokken bij multiple select.
  • Oefen casussen. Bij Basis zitten 42 van de 63 punten in PG- en V/C-casussen.
  • Maak volledige proefexamens op tijd. 42 vragen in 120 minuten, met een rekenmachine en zonder pauze.
  • Plan je examen pas als je steeds ruim boven de 68% zit. Een proefexamen waar je net overheen komt, is geen marge.

Bij Wftklaar oefen je Wft Basis zoals het sinds 1 april 2026 wordt afgenomen: 42 vragen, 63 punten, 120 minuten, alle vijf vraagvormen en deelpunten volgens de CDFD-telling. Elke vraag krijgt een toelichting. Start met het gratis mini-examen. Wil je verder oefenen, kies dan een pas van 21 dagen (€17,95) of 90 dagen (€24,95). Je betaalt één keer; een abonnement loopt er niet. Bekijk de Basispassen.

Vragen

Veelgestelde vragen

Hoe lang duurt het Wft-examen?

Per module verschilt het: 90 minuten voor Consumptief krediet en Zorgverzekeringen, 120 minuten voor Basis en beide Schade-modules, en 135 minuten voor Hypothecair krediet, Inkomen, Pensioen en Vermogen. Extra tijd kan alleen met een Verklaring Speciale Voorzieningen.

Hoeveel vragen heeft het Wft Basis-examen?

Sinds 1 april 2026 telt Wft Basis 42 vragen en 63 punten: 21 vragen over kennis en begrip, 2 over professioneel gedrag en 19 over vaardigheden en competenties. Je hebt 120 minuten en slaagt met 42,84 punten.

Kan ik het Wft-examen in het Engels doen?

Nee. Volgens de kandidatenbrochure van het CDFD worden de Wft-examens alleen in het Nederlands afgenomen.

Mag ik een eigen rekenmachine meenemen naar het Wft-examen?

Nee. Het exameninstituut geeft je een niet-programmeerbare rekenmachine, schrijfmateriaal en kladpapier. Je eigen spullen, ook je telefoon en horloge, blijven buiten de examenruimte.

Hoe vaak mag ik het Wft-examen herkansen?

Er is geen grens: het CDFD stelt geen maximum aan het aantal pogingen. Je betaalt wel elke keer het volle examengeld, bij de instituten die we bekeken €169,95 tot €180.

Gratis mini-examen

Over een kwartier heb je je eerste cijfer.

Tien vragen in alle vijf vraagvormen, met een cijfer en per vraag een toelichting. Gratis, zonder account.

Doe het gratis mini-examen

Daarna verder? De Basispas geeft je vijf volledige proefexamens en oefenen per onderwerp, met een toelichting bij iedere vraag: 90 dagen voor €24,95 of 21 dagen voor €17,95, vooraf in één keer, zonder verlenging.

Bekijk de Basispassen